Uitloop op andere dakvlakken

Alleen in uitzonderingsgevallen toegestaan conform DIN 1986-100 6.3.3

In principe dient de vrije uitloop van hoger gelegen naar lager gelegen dakvlakken te worden vermeden, om een ongecontroleerde overstroming te voorkomen en de afdichting bij de uitloop niet plaatselijk te verzwakken. Het van bovenaf komende regenwater wordt bij voorkeur met een drukvast buissysteem gecontroleerd over het lager gelegen dak- of dakterrasvlak geleid. 

DIN 1986-100 6.3.3: "In uitzonderingsgevallen kan regenwater via vrije uitlopen op lager gelegen dakvlakken worden afgevoerd, waarbij het regenwater van opgaande gebouwdelen moet worden weggeleid. Op de plaats waar het regenwater neerkomt, moet de afdichting respectievelijk de dakbedekking zo nodig worden versterkt."

Met drukvast buissysteem

Voorkeursoplossingen voor terugliggende verdiepingen en cascades

Bijzonder geschikte oplossingen voor de terugliggende-verdieping- en cascadeafwatering leiden het regenwater gecontroleerd over meerdere verdiepingen, en kunnen zelfs het regenwater van de onderliggende verdiepingen met meerverdieping-afvoeren in één verzamelleiding meteen mee afvoeren:

LORO-X QUATTROFLUX terugliggende-verdiepingafwatering (hoofd-nood-combinatie)
LORO-X DUOSTREAM cascadeafwatering 

Als alternatief kan het buissysteem van de dakafwatering met speciale buisdoorvoeren en hulpstukken "eenvoudig" over de onderliggende verdieping worden geleid. Dan moeten echter de hoofd- en noodafwatering op elke onderliggende verdieping als aanvullende afwateringssystemen worden voorzien, wat bij meerdere verdiepingen tot een groot aantal standleidingen kan leiden.

Zonder gesloten buissysteem

Risico's bij vrije uitloop op andere dakvlakken

Moet het van bovenaf komende regenwater toch vrij op lager gelegen vlakken worden geleid, dan moeten ten minste de hierboven genoemde bijzondere veiligheidsmaatregelen met betrekking tot de afdichting en stromingsrichting worden getroffen. Daarnaast moet het risico van overstroming ter hoogte van deurdrempels op gebruikte vlakken, zoals bijvoorbeeld dakterrassen, in acht worden genomen.

Ook moet de duidelijk hogere stroomsnelheid bij de uitloop op het onderste dakvlak beslist in acht worden genomen. In de boven de uitloop liggende standleiding - vaak met meerdere meters hoogte - versnelt het water tot wel meerdere meters per seconde, wat bij vrije uitloop tot ongewenste effecten kan leiden.